Over relaties, verwachtingen en de illusie van blijvende vanzelfsprekendheid
Veel mensen stappen een relatie binnen met het idee dat liefde vanzelf richting geeft. Wanneer twee mensen verliefd worden, ontstaat gemakkelijk het gevoel dat fundamentele verschillen er eigenlijk niet toe doen. Men ervaart verbondenheid, aantrekkingskracht, herkenning en hoop. Juist daardoor worden belangrijke verwachtingen vaak niet expliciet besproken. Het lijkt niet nodig. Men houdt immers van elkaar.
En precies daar ontstaat vaak een verborgen spanning die pas jaren later zichtbaar wordt.
Mensen gaan er in het begin van uit dat bepaalde zaken vanzelfsprekend zijn. Zij nemen aan dat zij hetzelfde denken over kinderen, trouw, ambitie, seksualiteit, geld, vrijheid, familie, rolverdeling of de toekomst. Vaak worden die aannames niet werkelijk onderzocht, omdat expliciete gesprekken de romantische sfeer lijken te verstoren. Het idee leeft dat echte liefde vanzelf begrijpt, vanzelf meebeweegt en vanzelf standhoudt.
Maar verliefdheid is niet hetzelfde als duurzame afstemming.
Wat mensen in de verliefdheidsfase vaak ervaren als vanzelfsprekende verbondenheid, blijkt later dikwijls voor een deel projectie te zijn geweest. Men ziet niet alleen wie de ander werkelijk is, maar ook wie men hoopt dat de ander zal blijken te zijn. De verliefde geest vult open plekken gemakkelijk zelf in. Verschillen worden geminimaliseerd of geïnterpreteerd als tijdelijk en oplosbaar.
Daardoor ontstaan impliciete verwachtingen die nooit werkelijk samen zijn uitgesproken.
Pas later verschijnen uitspraken als:
- “Jij wilde toch ook kinderen?”
- “Jij wist toch dat carrière belangrijk voor mij was?”
- “We zouden elkaar toch steunen?”
- “Je bent veranderd.”
Maar vaak is niet alleen de ander veranderd. De werkelijkheid zelf is veranderd.
En misschien is dat precies waar veel relationeel lijden begint: niet zozeer in de verandering zelf, maar in het innerlijke verzet tegen een werkelijkheid die niet meer overeenkomt met het oorspronkelijke toekomstbeeld.
De vergissing van het woord ‘relatie’
Misschien begint een deel van het probleem al bij de taal die we gebruiken.
We spreken over “een relatie” alsof het een ding is. Alsof het een stabiele entiteit betreft die ontstaat, bestaat en behouden moet blijven. Maar daarmee maken we van iets dynamisch iets statisch. In de taalkunde noemt men dat een nominalisatie: een proces wordt behandeld alsof het een object is.
In werkelijkheid is een relatie geen ding.
Een relatie bestaat alleen in voortdurende interactie, afstemming, communicatie, keuzes, interpretaties en veranderende omstandigheden. Een relatie is geen vaste toestand maar een proces dat zich voortdurend ontwikkelt terwijl beide mensen zelf ook blijven veranderen.
Een relatie ís niet — zij gebeurt.
Hetzelfde geldt eigenlijk voor liefde.
Wanneer mensen zeggen: “Ik houd van jou,” wordt dat vaak beleefd alsof er een stabiele innerlijke toestand bestaat die permanent aanwezig zou moeten blijven. Maar gevoelens veranderen voortdurend. Liefde wordt beïnvloed door nabijheid, afstand, veiligheid, teleurstelling, lichamelijkheid, stress, levensfase, verlies, groei en ervaringen.
Dat betekent niet dat liefde niet echt is. Het betekent alleen dat liefde veel minder een vast bezit is dan mensen hopen.Ook de liefde is een proces van continue beweging in mate van intimiteit, aanhankelijkheid, vertrouwen, nabijheid. De echtheid van liefde ligt niet in haar onveranderlijkheid, maar in het feit dat mensen elkaar telkens opnieuw proberen te bereiken ondanks voortdurende verandering.
Toch behandelen mensen liefde vaak alsof zij een gegarandeerd eindresultaat zou moeten zijn.
Liefde als inspanningsverplichting of resultaatsverplichting
Daarmee ontstaat een interessante parallel met werkrelaties en contracten.
Ook in liefdesrelaties lijkt vaak een impliciete verschuiving plaats te vinden van een inspanningsverplichting naar een resultaatsverplichting.
Mensen verbinden zich aan elkaar vanuit betrokkenheid, zorg en intentie. Zij beloven trouw, steun, aandacht en verbondenheid. Maar gaandeweg ontstaat vaak de verwachting dat ook bepaalde emotionele resultaten gegarandeerd blijven. Men verwacht niet alleen inzet, maar ook blijvende liefde, aantrekkingskracht, compatibiliteit, emotionele beschikbaarheid en gedeelde ontwikkeling.
Daar wringt iets fundamenteels.
Want kun je werkelijk garanderen:
- dat gevoelens hetzelfde blijven?
- dat verlangens niet veranderen?
- dat twee mensen zich parallel blijven ontwikkelen?
- dat aantrekkingskracht onveranderd blijft?
- dat levensrichtingen niet uiteenlopen?
Waarschijnlijk niet.
Een langdurige relatie heeft daarom waarschijnlijk veel meer kenmerken van een inspanningsverplichting dan van een resultaatsverplichting. Twee mensen kunnen zich verbinden aan eerlijkheid, communicatie, zorg, trouw en de bereidheid om zich tot elkaar te blijven verhouden. Maar zij kunnen niet volledig beheersen hoe zij zich over jaren heen zullen ontwikkelen.
Toch behandelen mensen relaties vaak impliciet alsof er wél een resultaatsgarantie bestaat. Wanneer de werkelijkheid daarvan afwijkt, voelt dat al snel als falen, verraad of contractbreuk.
Misschien is dat één van de meest pijnlijke aspecten van liefde: mensen verbinden zich vrijwillig aan iets waarvan de uitkomst nooit volledig beheersbaar is.
De invloed van cultuur, familie en romantische mythen
Onze verwachtingen over liefde ontstaan bovendien zelden in een vacuüm.
Mensen nemen denkbeelden mee uit films, muziek, literatuur, religie, familiepatronen en cultuur. Romantische verhalen suggereren vaak dat echte liefde vanzelfsprekend, permanent en allesoverwinnend is. De prins vindt de prinses, obstakels worden overwonnen en vervolgens leven zij nog lang en gelukkig.
Maar wat daarna komt, wordt zelden onderzocht.
De werkelijkheid van langdurige relaties bestaat namelijk ook uit: veranderende lichamen, veranderende verlangens,stress, ziekte, seksualiteit, persoonlijke groei, teleurstellingen,
machtsverhoudingen, rouw, autonomieen existentiële ontwikkeling.
Toch bouwen veel mensen innerlijk een mythe op over hoe liefde zou moeten zijn. Wanneer de werkelijkheid daarvan afwijkt, ontstaat niet alleen teleurstelling in de relatie, maar soms ook in het leven zelf.
Men verwijt elkaar vervolgens dat de werkelijkheid niet voldoet aan de droom die men samen — vaak impliciet — heeft opgebouwd.
Waarom onuitgesproken verwachtingen zo gevaarlijk zijn
Veel relationele conflicten ontstaan niet doordat mensen slechte intenties hebben, maar doordat verwachtingen impliciet blijven.
Partners denken vaak: “Als de ander echt van mij houdt, dan begrijpt die vanzelf wat ik nodig heb.” Maar liefde voelen is niet hetzelfde als telepathisch zijn. Begrip is niet automatisch aanwezig; het wordt opgebouwd. Zelfs in de meest intieme relatie blijft uitleg noodzakelijk, omdat twee mensen nooit exact dezelfde binnenwereld delen.
Sterker nog: hoe minder expliciet verwachtingen zijn, hoe groter de kans dat teleurstelling zich langzaam omzet in verwijt of rancune. De ander wordt dan afgerekend op een contract dat nooit werkelijk samen is opgesteld.
Dat zie je bijvoorbeeld bij onderwerpen als: kinderen, geld, seksualiteit, rolverdeling,
carrière, vrijheid, zorgtaken of emotionele beschikbaarheid.
Juist omdat mensen de sfeer niet willen verstoren, vermijden zij soms gesprekken die later essentieel blijken te zijn.
Daarom voelen onderwerpen als huwelijkse voorwaarden voor veel mensen ongemakkelijk. Het bespreken van grenzen, eigendom, verwachtingen of scenario’s van verandering voelt voor sommigen alsof liefde wordt vervangen door wantrouwen. Alsof eerlijkheid de romantiek beschadigt.
Maar paradoxaal genoeg kan het vermijden van zulke gesprekken later juist een veel grotere ondermijning van vertrouwen veroorzaken.
Onuitgesproken verwachtingen verdwijnen namelijk niet. Ze worden stille maatstaven. En stille maatstaven veranderen gemakkelijk in impliciete eisen.
Verandering is geen conflict maar een nieuwe werkelijkheid
Misschien ligt daar een nog dieper inzicht verborgen.
Veel relationele pijn ontstaat doordat mensen verandering behandelen alsof zij een fout is, terwijl verandering in werkelijkheid een fundamenteel onderdeel van het leven is.
Mensen veranderen.
Omstandigheden veranderen.
Verlangens veranderen.
Levensfasen veranderen.
Dat betekent dat relaties voortdurend op nieuwe kruispunten terechtkomen.
Op zulke momenten moeten mensen eigenlijk opnieuw onderzoeken:
Wie zijn wij nu?
Wat willen wij nu?
Welke richting kiezen wij vanuit de mensen die wij inmiddels geworden zijn?
Dat hoeft geen conflict te zijn. Het is vaak simpelweg een reactie op veranderde omstandigheden.
Maar psychologisch ontstaat er dikwijls een innerlijke worsteling omdat een deel van de mens vasthoudt aan een werkelijkheid die al verdwenen is. Men wil de oude droom behouden terwijl de omstandigheden inmiddels veranderd zijn.
Dat is een strijd tegen de werkelijkheid. En dat is uiteindelijk een strijd die niemand werkelijk kan winnen.
Soms wordt bijvoorbeeld duidelijk dat een verwachting nooit meer vervuld zal worden. Een kinderwens blijkt onmogelijk, gevoelens blijken veranderd, levensrichtingen lopen uiteen of persoonlijke ontwikkeling heeft mensen verder uit elkaar gebracht dan ooit werd voorzien.
Ook dan ontstaat de noodzaak van een nieuwe keuze.
En iedere keuze betekent tegelijkertijd verlies van een andere mogelijkheid.
Dat is misschien één van de moeilijkste existentiële werkelijkheden van liefde: kiezen betekent altijd ook afscheid nemen.
Liefde als voortdurend gesprek
Misschien zouden duurzame relaties daarom minder moeten draaien om de vraag:
“Hebben wij eenmaal voor elkaar gekozen?”
En meer om: “Zijn wij bereid elkaar telkens opnieuw te ontmoeten terwijl wij veranderen?”
Dat vraagt om iets heel anders dan romantische vanzelfsprekendheid.
Het vraagt om: eerlijkheid, zelfreflectie, het verdragen van verschil, het bespreekbaar maken van verwachtingen, het accepteren van onzekerheid en het vermogen om werkelijkheid belangrijker te maken dan illusie.
Misschien begint gezonde liefde daarom niet bij de overtuiging dat twee mensen elkaar volledig zullen vervullen of voor altijd dezelfde zullen blijven.
Misschien begint zij juist bij het besef dat liefde geen statisch bezit is, maar een voortdurend proces van afstemming tussen twee veranderende mensen binnen een veranderende werkelijkheid.
Niet: “Wij garanderen elkaar een bepaald resultaat.”
Maar eerder: “Wij blijven bereid ons met aandacht, eerlijkheid en verantwoordelijkheid tot elkaar te verhouden, ook wanneer het leven ons verandert.”
Dat klinkt misschien minder romantisch dan de sprookjes waarmee veel mensen opgroeien.
Maar mogelijk is het juist daardoor duurzamer, menselijker en werkelijker.
Govert van Ginkel
Dit artikel is geschreven door Govert van Ginkel. Govert is gespecialiseerd in Verbindend Communiceren en is binnen dit vakgebied actief als trainer, spreker, coach en mediator. Meer informatie over Govert vind je hier. Het actuele trainingsaanbod is hier te vinden.
Introductie-avond Verbindend Communiceren
Ben je geïnteresseerd in Verbindend Communiceren maar weet je nog niet goed of het voor jou genoeg kan betekenen? Kom dan gerust naar de Introductieavond!
meer infoInspiratie
Schrijf je in voor de ‘Verbindend Communiceren Inspiratienieuwsbrief’












